Op deze pagina staan een paar niet-bekroonde gedichten waarvan sommige gepubliceerd zijn of,
in één geval, gebruikt voor een ansichtkaart. Het Friese gedicht 'Tael' is
niet door mijzelf geschreven maar door een oudoom van mij. Het staat nog in de 'âlde
stavering', dat wil zeggen de spelling van vóór 1980.
Beluister de uitzending (duur: 2 min. 42 sec.)
't Is mei tweeduizend zes - de afgelopen weken
heb ik weer meer dan eens aan Enschede gedacht
en aan het vuurwerk dat de stad zo'n onheil bracht;
waar niet, zoals bedoeld, verrukt naar is gekeken.
De meizon scheen, de stad lag onbezorgd te dromen
totdat een paar maal een verschrikkelijke knal
haar schudden deed en schrikken, en je overal
de brandweer en de ambulances hoorde komen.
Een dikke zwarte rookpluim reikte tot de wolken,
het telefoonverkeer lag na een halfuur plat;
de omroep toonde beelden: een verwoeste stad
en hielp gevluchten hun ontreddering vertolken.
Diezelfde zomer heb ik Enschede verlaten
dat was niet om de ramp, mijn weggaan stond al vast;
toch denk ik ieder jaar in mei aan dat contrast:
zo'n mooie dag - en dan die weggevaagde straten...
En nu al weken draag ik de gedachte met me mee:
hoe zou het zijn na al die tijd; hoe zou het zijn met Enschede?
Baukje van Kesteren
Uit Dit land, waarin ik niet geboren ben
Nooit goed begrepen, nog nooit echt verstaan
altijd alleen door het leven gegaan
Een gat waar je hart zit en toch zoveel pijn
volwassen van buiten, van binnen zo klein
Nooit goed geworteld en nergens een thuis
de wereld onveilig, je lichaam een kluis
Gezelschap te weinig, maar mensen te veel
Verstand en emoties nog steeds geen geheel
Genoeg geprobeerd om te groeien, te leven
en meer dan genoeg van je inzet gegeven
Laat nu maar rusten, dit moede hart
Het heeft wel genoeg aan zijn eigen smart
Volwassen van buiten, van binnen zo klein:
mijn innerlijk auti-kind, jij mag er zijn
Baukje van Kesteren
Uit Een gat waar je hart zit
Us memmetael, ik leavje 'm tige
Syn wurden, ta in folsin rige,
't Is my as sjonge hja.
Mei nocht sil ik dit sjongen wije
As huld' oan tale poésije
Sa 'k dy wol opheind ha.
Faeks, as wy troch de romten dwale,
Omwyndert ús in wûnd're tale,
Gjin ear fornimt har lûd;
De tael, dêr 't ús al fan forhelle
De Flaemske bard, Guido Gezelle,
De tael fan blom en krûd.
Fan d'eagen, dy 't sa leaf soms lonkje,
Dan fierkje, dan fûleinich fonkje,
Dan sprekke mei in trien;
Dêr 't hope, langstm' en dream yn lizze,
Dy 't jin it fynste fielen sizze,
Ha 'k bliied de tael forstien.
De tael, de eabelste, de tearste,
It lêste neamd, it is de earste,
Op memme skoat al heard;
Graech soe'n we 'm altyd troch fornimme
Dy earlike, oprjuchte stimme:
De tael van 't minsk'ne hert.
Teake Stienstra
(1893 - 1983)
Teake Stienstra was een oudoom van me:
een broer van de oma naar wie ik genoemd ben.
uit: Engagement met Autisme, december 2009
Lees verder...
Ansichtkaart:
Fonds Psychische Gezondheid
(Klik op de afbeelding hiernaast)
Impressie n.a.v. het Autismecongres 2007
uit: Engagement met Autisme, december 2007
Lees verder...
Welkom |
ACIM |
ADD/ADHD overzicht |
ADD en ADHD |
Artikelen |
Autisme, ASS |
Bekroonde gedichten |
Boeken
Columns | Cora |
E-mail |
Dichtbundels |
Dichten |
Dichten - diversen |
Foto's |
Gastenboek |
Genezing? |
Handleiding
In de media |
Interviews |
Levensverhaal |
Lezingen |
Lezingen, archief |
Links |
Literatuur |
Maillijsten |
ME/CVS
Nieuwsgroepen |
Recensies |
Schrijven |
Sitemap |
Verhalen |
Verstrooid | Voorlezen |
Weblog |
Welkom
Datum laatste wijziging: 4 mei 2010