De Lachende Panda





 
Bekroonde gedichten

Met elk van de gedichten op deze pagina heb ik een prijs gewonnen. Ze staan in chronologische volgorde, het nieuwste bovenaan.

Overname of verdere verspreiding van deze gedichten is toegestaan, mits met vermelding van de naam van de auteur. Ik stel het op prijs als daarbij ook de url van deze website of die van de betreffende dichtbundel wordt genoemd.

 
Dit is mijn moedertaal

In januari 2010 nodigde de redactie van de elektronische nieuwsbrief Taalpost, uitgegeven door het genootschap Onze Taal, de lezers uit een strofe van vijf regels in te zenden die deel zou gaan uitmaken van een gedicht van 1000 regels. Dit in verband met het verschijnen van het duizendste nummer van Taalpost. Het eerste vers was op verzoek van de Taalpost-redactie geschreven door Ingmar Heytze en begon met de regel: 'Dit is mijn taal. Ik kan niet denken zonder haar.' Ingmar Heytze zou ook de laatste strofe schrijven.

Alle inzendingen (met een maximum van 198) zouden geplaatst worden en daarnaast werden er 34 prijzen uitgeloofd: een taart voor het beste vers, 3 maal een dichtbundel van Ingmar Heytze, 5 maal de bundel Divan van Ghalib van Nachoem Wijnberg en 25 maal een boek naar keuze uit een aanbod van 6 verschillende boeken over taal. Met de volgende strofe behoorde ik tot die laatste 25 winnaars:

Dit is mijn moedertaal

Dit is mijn moedertaal, maar meer dan dat.
Dit zijn de woorden die ik spreek, maar ook
de zinnen die mijn vormden. Wat als ik
door ouderdom of ziekte niet meer spreken kan?
Hoe heet ik dan? Wie ben ik dan?

 
(zonder titel)

Zoals een regenboog
met zes of zeven grijzen
Zoals een toverbal
met enkel wit en geel

Of als een sportwedstrijd
met louter tweede prijzen,
een carillon dat steeds
hetzelfde wijsje speelt

Zo kan het leven zelf
ons nauwelijks verrassen
wanneer wie ‘anders' is
zich steevast aan moet passen
 

Bovenstaand gedicht was de winnaar in een wedstrijd, georganiseerd door Uitgeverij Pica. De aanleiding voor de wedstrijd was het verschijnen van de derde druk van de dichtbundel 'Storm in mijn hoofd' van Arwin Wels. In het juryrapport schreef Wels: "De boodschap is positief en komt heel helder naar voren. Daarbij worden mooie en heel duidelijke beelden gebruikt zonder in clichés te vervallen of zweverig te worden. [...] Dit is een gedicht wat ik zelf geschreven zou willen hebben."

 
Rondom de Waterpoort
en de Martinikerk
waar ik mijn hart en
mijn zorgen verlies

vindt men een zuivere
meerdantweetaligheid:
hier spreekt men Nederlands,
Snekers en Fries
 

Met het bovenstaande ollekebolleke won ik een van de vijf prijzen in een wedstrijd van het e-magazine Taalpost. De inzendingen moesten bestaan uit een ollekebolleke, bij voorkeur over het onderwerp 'taal'.

 
Amfibilogica

Voor het onderstaande gedicht kreeg ik op 15 maart 2009 de eerste prijs in de Willem Wilmink dichtwedstrijd 2009, georganiseerd door de Twentsche Courant Tubantia en de Bibliotheek Almelo. De opdracht luidde: Schrijf een gedicht met daarin de regel 'Wat als ik deze nu nog lege regel niet geschreven had?', afkomstig van 'gastdichter' Theo Nijland. Het juryrapport begon met de woorden 'De grote dichter La Fontaine zou jaloers zijn op dit winnende gedicht Amfibilogica'.

Omrop Fryslân Radio besteedde in het programma Omnium van maandag 16 maart aandacht aan de wedstrijd en gaf me de gelegenheid het gedicht gedeeltelijk voor te lezen. Klik op het luidsprekertje om dit gesprekje te beluisteren.

Pictogram luidspreker

Beluister de uitzending, duur 3 min. 20 sec.
(Alleen de eerste 50 seconden zijn overwegend in het Fries.)

Amfibilogica

Een fijnbesnaarde kikker uit de buurt van Vriezenveen
zat peinzend aan de vaart en kwaakte zachtjes voor zich heen.
Hij tuurde in het water en hij staarde naar de lucht,
en nu en dan ontsnapte hem een zorgelijke zucht.
Totdat een zacht geritsel zijn gedachtegang verstoorde,
en vagelijk herkende hij een pad uit Lichtenvoorde.
'Mijn waarde', sprak de pad, een tikkeltje geaffecteerd,
'Het spijt me, maar u lijkt me enigszins gedeprimeerd.
In paddenkringen staat u als een groot poëet bekend,
gaat u misschien gebukt onder de last van uw talent?'

De kikker liet gekweld zijn ogen rusten op de pad
en zei: 'U hebt gelijk, ik heb het helemaal gehad.
Ik zit hier maar te piekeren, mijn hersens draaien dol,
het kunnen van een kikker heeft zijn grenzen, after all.'

De pad, die tot zijn spijt nooit op de voorgrond had gestaan,
bespeurde hier een kans en bood spontaan zijn diensten aan.
'Vertel me uw probleem, twee weten immers meer dan één.'
'Graag', zei de kikker, 'Kom, ik draai er dan maar niet omheen.
Dit is het waar ik in mijn overpeinzingen op stuit:
ik weet zo'n mooie regel, hij komt echt van binnenuit!
Maar iets maakt hem onlogisch, en ik weet niet wat het is,
zou u eens willen horen of ik mij misschien vergis?'
En plechtig declameerde hij vervolgens voor de pad:
'Wat als ik deze nu nog lege regel niet geschreven had?'

De pad dacht na, en nog eens na, en dacht nog dieper na,
een frons stond op zijn voorhoofd, maar toen riep hij uit: 'Aha!
Ik weet niet veel van logica, maar dit is, ben ik bang,
de clou: die mooie zin van u, die is een woord te lang!'

 
Geen luchtballon

De zon gaat onder na een zinderende dag
De avondhemel doft zich op met felle kleuren
De lauwe aarde ademt landelijke geuren
Een verre merel slaat zijn jubelslag

Dan nadert langzaam op de lome zuidenwind
een heteluchtballon, haast statig voortbewogen
Ik zie de passagiers, ze zwaaien opgetogen
Twee jonge mensen zijn het, en een kind

En als ik terugzwaai voel ik een verbondenheid
die mij voor even uittilt boven plaats en tijd
en ik bedenk: Wat zou het mooi zijn als dat kon -

als heel de mensheid zich verbonden wist
in wezen één, gevrijwaard van gemis
en als dat waarheid was, geen ijle luchtballon
 

Met Geen luchtballon won ik de derde prijs in de Willem Wilmink dichtwedstrijd 2008, uitgeschreven door de Twentsche Courant Tubantia en de Bibliotheek Almelo. De opdracht bestond uit het schrijven van een gedicht met daarin de regel 'Wat zou het mooi zijn als dat kon', verzonnen door gastdichter Maarten van Roozendaal. De prijs bevatte onder andere zijn dvd Barmhart, die ik natuurlijk door hem heb laten signeren!

 
Altijd anders

Ik zou zo graag een beetje meer normaal zijn
wat soepeler, wat beter aangepast
Ik zou zo graag wat makkelijker meedoen
betrokken zijn en sneller enthousiast

Ik was zo graag wat meer als ieder ander
Ik hoorde er het liefst een beetje bij
Dan zou ik mij wat minder eenzaam voelen
en was ik vaker zorgeloos en blij

Ik was zo graag een beetje meer gemiddeld
want altijd anders zijn, dat doet zo’n pijn
Ik zou er een fortuin voor over hebben –
ik heb alleen geen zin om niet mijzelf te zijn
 

Met Altijd anders won ik de derde prijs in de Willem Wilmink dichtwedstrijd 2007. De regel die in het gedicht verwerkt moest worden was verzonnen door gastdichteres Katinka Polderman, en luidde 'Ik heb alleen geen zin'.

 
Met wie ik zwijgen kan

Als kind werd ik door twijfel vergezeld:
wat laat ik zien, wat houd ik liever binnen
waarover kan ik beter niet beginnen
wat had ik achteraf juist graag verteld?

Weer blijk ik voor diezelfde vraag te staan:
waarom zou ik me keer op keer vervelen -
alleen het wezenlijke wil ik delen
gebabbel spreekt me hoegenaamd niet aan

en meer dan welkom is de schaarse mens
met wie ik praten kan, maar ook kan zwijgen
en aan de oppervlakkigheid ontstijgen
zodat ik leef, in vrijheid maar intens;

die mij vertrouwt voorbij hetgeen hij weet
terwijl het hem aan passie niet ontbreekt
omdat hij moeiteloos beseft: waarover
ik liever zwijg, dat spreekt.
 

Met bovenstaand gedicht won ik de eerste prijs in de Willem Wilmink Dichtwedstrijd 2006. Zoals altijd luidde de opdracht voor deze wedstrijd: 'Schrijf een gedicht met daarin de regel ...' De regel waar het om ging was deze keer 'Waarover ik liever zwijg, dat spreekt'. Hij was verzonnen door Jan J. Pieterse.
Het was voor mij de eerste keer dat ik aan de Willem Wilmink dichtwedstrijd meedeed. De prijsuitreiking was ongelooflijk spannend. Eerst werd het juryrapport voorgelezen van het gedicht dat op de tiende plaats was geëindigd, waarna de auteur het voorlas en zijn of haar prijs kreeg overhandigd. Vervolgens gebeurde dat voor het gedicht dat op de negende plaats stond. Zo ging het door, dus bij elke dichter die aan de beurt was geweest, wist ik dat ik nóg hoger was geëindigd. Toen men bij nummer twee was aangeland, was alleen mijn gedicht nog over. Even dacht ik: 'Ze hebben zich vast vergist, ik bén helemaal niet bij de eerste tien!' Maar het juryrapport gaf helderheid:

"De winnaar van dit jaar: 'Met wie ik zwijgen kan'. Baukje van Kesteren maakte een gedicht waarin prachtig wordt beschreven hoe men met een dierbare zonder te spreken, diep, intens contact kan hebben.
Het is een helder gedicht, intelligent, er wordt geen woord te veel gebruikt om de relatie tussen zwijgen en spreken te verwoorden. Het is bovendien een goed gecontinueerd, omarmend rijmschema met een vast metrum.
Als de jury er al iets van kritiek op kan uiten is het dat in het laatste couplet dit schema en het metrum worden losgelaten. Toch was de jury vrijwel unaniem in de voorkeur voor dit vers en Jan J. Pieterse kon in zijn commentaar kort zijn: 'Het is een PRACHT gedicht.'"

 
(Klik op de afbeelding
voor een vergroting)

Na de
          prijsuitreiking van de dichtwedstrijd over Wonen tonen de beide
          andere winnaars en ik (midden) het katoenen tasje met ons eigen gedicht
          erop, dat tot het prijzenpakket behoorde.
Na de prijsuitreiking van de dichtwedstrijd over Wonen tonen de beide andere winnaars en ik (midden) het katoenen tasje met ons eigen gedicht erop, dat tot het prijzenpakket behoorde.

Foto: Rudolf Stammis

 
Zo buiten, zo binnen

Je werd geboren tussen donker eiken
en achter hoge ramen met velours
Maar in de kamer waar je later speelde
bedekte vrolijk spikkelzeil de vloer

De jaren vijftig lapten al dat donker
en heel die zwaarte domweg aan hun laars
De meubels werden ranker en veelkleurig
Nóg later was oranje in, en paars

Jij voegde je met verve naar de mode
Dat bleek van lieverlee een vast stramien
Zo had je nog een bruine periode
maar bij olijf hield jij het voor gezien

Sindsdien heb jij voor licht, veel licht gekozen
Toch waren al die jaren niet verspild:
het meegaan met de stroom heeft jou geholpen
te weten wie je bent en wat je wilt
 

Met Zo buiten, zo binnen won ik een van de drie prijzen in een wedstrijd over het thema 'Wonen', in oktober 2005 georganiseerd door de firma Quality House in samenwerking met de stichting Schrijvenswaard, beide te Heerhugowaard.

 
Pijn gedaan

Ik hoor je praten en ik hoor de pijn
die doorklinkt in je machteloze woorden
De tranen die je in je boosheid smoorde
omdat geluk zo kwetsbaar bleek te zijn

En even mist het leven elke zin
Maar ondanks alle pijn in het verleden
en ook al ben je nog zo moegestreden
in ieder einde schuilt een nieuw begin

Kijk hoe de bomen in het najaarsbos
om in de winter niet kapot te vriezen
hun kleurige maar dorre blad verliezen:
zo laat je dingen die je pijn doen los
 

'Pijn gedaan' was het eerste gedicht waar ik een prijs mee won - in de eerste dichtwedstrijd waar ik aan meedeed, uitgeschreven door het maandblad Zin. Het thema was 'Een nieuw begin'. Enig jurylid was de toenmalige Dichter des Vaderlands, Driek van Wissen. De prijs bestond uit een bundel met zijn verzamelde werk en publicatie van het gedicht in Zin van april 2005.

 

 

Welkom | ACIM | ADD/ADHD overzicht | ADD en ADHD | Artikelen | Autisme, ASS | Bekroonde gedichten | Boeken
Columns | Cora | E-mail | Dichtbundels | Dichten | Dichten - diversen | Foto's | Gastenboek | Genezing? | Handleiding
In de media | Interviews | Levensverhaal | Lezingen | Lezingen, archief | Links | Literatuur | Maillijsten | ME/CVS
Nieuwsgroepen | Recensies | Schrijven | Sitemap | Verhalen | Verstrooid | Voorlezen | Weblog | Welkom

Datum laatste wijziging: 4 mei 2010